Toegang jeugdhulp zowel onafhankelijk als gezamenlijk geregeld (Noord-Veluwe)

pexels-sharon-mccutcheon-1148998

Het komt vaker voor dat gemeenten binnen hun jeugdregio samen optrekken als het om beleid en inkoop gaat, maar de toegang tot jeugdhulp is meestal lokaal ingericht. In de regio Noord-Veluwe kozen 5 gemeenten voor een andere oplossing. Inwoners kunnen zowel met korte vragen als zwaardere hulpbehoeften bij het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) terecht. Het CJG is onafhankelijk van gemeenten en zorgaanbieders, maar werkt nauw met hen samen om de regiovisie gezamenlijk vorm te geven. Gert Jan van Noort, wethouder sociaal domein, en Hilde Tempel, bestuurder Stichting Jeugd Noord-Veluwe, vertellen over het naar voren halen van expertise, de inzet van data-analyse en de zelfregie van gezinnen.

Voor Gert Jan is het inmiddels de normaalste zaak van de wereld dat de toegang tot jeugdhulpverlening van ‘zijn’ gemeente Harderwijk en die van Elburg, Ermelo, Nunspeet en Oldebroek op één plek georganiseerd is. De wethouder sociaal domein, die ook in de VNG-commissie Jeugd, Zorg en Onderwijs zit, zegt dat de regio Noord-Veluwe al in 2014 startte met een pilot om de jeugdhulptoegang onafhankelijk van de gemeenten te beleggen. In 2015 groeide de pilot uit tot de Stichting Jeugd Noord-Veluwe. ‘Een stichting met een eigen bestuur, eigen medewerkers en eigen verantwoordelijkheden, zodat de toegang onafhankelijk is van gemeenten en aanbieders’, legt Gert Jan uit.

Op deze doorontwikkeling werd positief gereageerd: ‘De gemeenten en aanbieders konden tijdens de pilot al wennen aan een eerste samenwerking. Iedereen had in de gaten dat door de aankomende decentralisatie, we vertrouwen in elkaar moesten hebben.’

Laagdrempelig

De Stichting Jeugd Noord-Veluwe vormt samen met de jeugdgezondheidszorgaanbieder Icare (voor kinderen van 0-4 jaar) en de GGD (4-18 jaar) het Centrum Jeugd en Gezin. Iedere gemeente heeft een CJG-locatie waar inwoners tijdens het spreekuur naar binnen kunnen lopen voor de meest uiteenlopende vragen. Bestuurder Hilde illustreert: ‘Van simpele vragen als ‘hoeveel zakgeld kan ik mijn kind geven?’ tot aan kwesties waarvoor een paar gesprekken of doorverwijzing naar langdurige ondersteuning voor nodig zijn.’

Volgens Gert Jan is de laagdrempeligheid de kracht van het CJG: ‘Ik kan me voorstellen dat het een obstakel is om naar de gemeente te moeten gaan voor een vraag over je gezinssituatie. Mensen zijn toch bang dat ze dan ‘in het systeem terechtkomen’ of dat ‘hun kind wordt afgenomen’.’ Het CJG staat ook niet gelijk aan ‘toegang’ tot jeugdhulpverlening, dat is slechts één van de functies. Daarnaast vervult het een preventieve taak en biedt het ondersteuning bij het opvoeden, opgroeien en gezondheid.

Regiovisie

Hilde geeft aan dat de regiovisie leidend is in de werkzaamheden van het CJG. Deze bestaat uit 4 uitgangspunten. De eigen kracht en regie van een kind of gezin de boventoon laten voeren; werken met een gezinsplan dat (deels) zelf door het gezin is opgesteld; alleen hulpverlenen daar waar het echt nodig is en dan ook in één keer goed; het verbinden van expertise en kennis.

‘Deze principes nemen we ook mee naar onze nieuwe inkoop’, zegt Gert Jan. ‘Als we kwartaal-gesprekken voeren met zorgaanbieders bevragen we ze op die 4 punten. Bij deze gesprekken is ook altijd iemand van inkoop, een beleidsambtenaar en afgevaardigde van het CJG aanwezig. De samenwerking voeren we best ver door.’

Doordat het CJG alleen samenwerkt met aanbieders die de regiovisie omarmen, verloopt deze samenwerking prettig. Hilde: ‘Hierdoor is het voor ons makkelijker om bijvoorbeeld de expertise van specialistische jeugdhulpverleners als gz-psychologen, orthopedagoog-generalisten en systeemtherapeuten naar voren te halen. Omdat aanbieders ook enthousiast zijn over deze ambitie, merken we dat ze nu meer meedenken over normaliseren. Ze zien hoe beter dit gaat, hoe vaker alleen jongeren die het echt nodig hebben met specialistische zorg in aanraking komen. We leren dus doorlopend van elkaar.’

Leren van data-analyse

Het is nog te vroeg om met cijfers te kunnen onderbouwen wat het naar voren halen van specialisten oplevert. ‘We kunnen wel aannames doen op basis van pilots rondom de inzet van praktijkondersteuners bij huisartsen, maar dan hebben we het over een andere context. We voorspellen dat we een stapeling van zorg kunnen voorkomen, doordat we eerder de juiste interventie kunnen inzetten’, zegt Hilde.

Gert Jan en Hilde verwachten  op relatief korte termijn meer inzicht te krijgen, omdat ze nu met het dashboard Aspectu werken. Hier is op lokaal niveau informatie zoals de duur van trajecten en de toe- of afname van bepaalde vragen uit af te lezen. ‘Zo zagen we bijvoorbeeld dat er in een korte periode veel werd doorverwezen naar een bepaalde aanbieder. Toen zijn we inhoudelijk naar die trend gaan kijken en konden we vaststellen: dit zouden helemaal geen jeugdwetindicaties moeten zijn. De ondersteunende taak lag eigenlijk bij de scholen. Daar hebben we op aangestuurd.’

De evaluaties op casus-niveau dragen ook bij aan het lerend jeugdstelsel. Hilde: ‘Als meerdere kinderen uit één gezin in de 24-uurszorg zijn terechtgekomen, onderzoeken wij met de aanbieders of er niet een andere oplossing is om uithuisplaatsing te voorkomen. Uithuisplaatsing is allesbehalve normaliserend. Het heeft ertoe geleid dat we onze werkwijze hebben aangepast. Er kijkt nu altijd een gedragswetenschapper mee bij gezinnen waar uithuisplaatsing dreigt, het vier-ogenprincipe.’

Jeugddossier

De wethouders sluiten ook bij de evaluatiegesprekken aan. Gert Jan: ‘Deze overleggen voeren we nu veel gemakkelijker met zijn allen, door de gezamenlijke verantwoordelijkheid.’ Een ander voorbeeld waarmee hij trots laat zien hoe goed de samenwerking verloopt tussen de gemeente, de CJG én de gezinnen is het Jeugddossier. Dit is een centrale online plek waar alle gezondheidsinformatie over kinderen tussen de 0 en 18 jaar te vinden is. Van geboortegegevens tot aan afspraken die je met een verpleegkundige of jeugd- en gezinswerker hebt staan. Je kunt er ook (opvoedkundige) vragen stellen aan medewerkers van het CJG.

‘De technische kant is belegd bij het CJG, maar het gezin is de eigenaar van het dossier. We streven ernaar om samen met de ouders en kinderen informatie aan het dossier toe te voegen na een afspraak. Of we vragen of ze het zelf willen doen. Nergens in Nederland werkt dit al op deze manier; dat je met 3 partijen én het gezin altijd toegang hebt tot al deze informatie. Het Jeugddossier is  een mooi voorbeeld van ons regionale uitgangspunt om gezinnen eigen regie te laten voeren.’

Hervormingsagenda

De Norm voor Opdrachtgeverschap was geen aanleiding voor de doorontwikkeling van de toegang; die in de Noord Veluwe al in volle gang was Hilde: ‘Onze samenwerking is niet veranderd. We focussen al enorm op eigen regie, we doen veel moeite om onze waarden op te nemen in de nieuwe inkoop en starten ieder traject met een goede analyse van kind en context om te voorkomen dat we symptomen behandelen.’

Gert Jan is het daarmee eens. ‘Als ik iets aan de landelijke hervormingsagenda die nu op de planning staat mee wil geven, dan is het iets waar we in Harderwijk ook al mee bezig zijn: het normaliseren van problemen, ’Cultuur, sport en welzijn verbinden aan zorg – met name jeugdhulpverlening en de netwerksamenwerking in wijken en buurten en met scholen verbeteren. ‘Als we elkaar hierin vinden, kunnen we de centra nog multi-functioneler en laagdrempeliger maken.’

https://vng.nl/artikelen/toegang-jeugdhulp-zowel-onafhankelijk-als-gezamenlijk-geregeld-noord-veluwe

Foto door Sharon McCutcheon via Pexels

Share on linkedin
LinkedIn
Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *