Problemen lopen op als gemeenten toegang tot hulp moeilijker maakt

homeless-55492__480

Sociale vraagstukken

Gemeenten hebben de afgelopen jaren – onder druk van met krimpende rijksbudgetten ingevoerde decentralisaties – gestreefd naar kostenbesparing. De gemeente Rotterdam ging met een beroep op zelfredzaamheid de toegang tot diverse vormen van hulp streng bewaken. Een doodlopende weg, zowel voor de gemeente als hulpvrager.Door Kees de Waijer
16 maart 2020

Het streng bewaken van de toegang gebeurde onder meer in de huishoudelijke hulp, schuldhulpverlening, bij sociale wijkteams, bij de opvang van daklozen en in de begeleiding van werkloze jongeren. Die poortbewaking heeft eraan bijgedragen dat veel burgers de afgelopen jaren pas hulp kregen als hun problemen al hoog waren opgelopen en dat hulpvragers geheel van de radar verdwenen of juist als ‘draaideurcliënten’ steeds opnieuw aan de poort klopten.

Tussen 2015 en 2019 heeft de Rekenkamer Rotterdam vijf onderzoeken uitgevoerd naar het beleid van de gemeente Rotterdam in het sociaal domein. De onderzoeken gingen over huishoudelijke hulp (Wmo), schuldhulpverlening, sociale wijkteams, de opvang van dak- en thuislozen en de aanpak van jeugdwerkloosheid.

Minder gebruikers huishoudelijke hulp door strengere beoordeling en hogere eigen bijdrage

Uit rekenkameronderzoek in 2016 naar huishoudelijke hulp voor (vooral oudere) inwoners, bleek dat het de gemeente was gelukt om aanzienlijk op de uitgaven hiervoor te besparen. Een van de oorzaken daarvan was dat het aantal inwoners dat deze hulp kreeg drastisch was gedaald ten opzichte van de jaren daarvoor.

De daling was tegen de verwachting in. Het aantal ouderen neemt immers gestaag toe, ouderen wonen steeds langer thuis, het is niet waarschijnlijk dat ouderen opeens zelfredzamer zijn geworden in het schoonmaken en veel mantelzorgers bleken al overbelast.

Uit het onderzoek kwamen twee mogelijke oorzaken voor het afnemend aantal cliënten naar voren. Ten eerste de strengere indicatiestelling door de gemeente en ten tweede een verhoging van de eigen bijdrage. Daarmee had de gemeente met ‘succes’ twee drempels opgeworpen voor toegang tot de hulp.

Hoe het de ouderen verging die geen hulp meer kregen, wist de gemeente niet. Die waren nu helemaal uit beeld. De betreffende verhoging van de eigen bijdrage voor Wmo-cliënten is overigens in de periode daarna door het Rijk teruggedraaid.

Aanmelden voor schuldhulpverlening te ingewikkeld

Uit rekenkameronderzoek in 2017 naar schuldhulpverlening bleek dat er destijds 27.000 Rotterdammers waren met problematische schulden. Het lukte de gemeente niet om dit aantal omlaag te brengen. Door, ook hier vanuit een beroep op zelfredzaamheid, drempels op te werpen voor de gemeentelijke schuldhulpverlening, bereikte die schuldhulp namelijk te weinig mensen.

Mensen met schuldproblemen die zich wilden aanmelden kregen te maken met omvangrijke administratieve verplichtingen. Zo moesten ze eerst een compleet schriftelijk overzicht van al hun schulden aanleveren. Mensen met problematische schulden zijn echter veelal laag opgeleid en leven vaak onder aanzienlijke stress door hun schuldproblemen, die vaak samen gaan met tal van andere problemen (zoals gezinsproblematiek, psychische problemen, werkloosheid en dreigende huisuitzetting).

Veel aanvragers konden die administratieve verplichtingen van de aanmelding daardoor niet overzien, waardoor zij een half jaar na het eerste contact met de gemeente nog steeds niet waren aangemeld voor de schuldsanering. En ja, dan kunnen problemen verder oplopen. Mensen kunnen zelfs dakloos worden.

Zo bleek uit Rotterdamse rekenkameronderzoek in 2018 dat het beleid om te voorkomen dat mensen dakloos worden niet voldoende resultaat had. Een van de knelpunten was dat zij niet tijdig werden geholpen om hun (huur-)schuldproblemen aan te pakken.

Burger mag niet zelf aankloppen bij het wijkteam

Zoals de overgrote meerderheid van gemeenten in Nederland, heeft ook Rotterdam sinds 2015 de individuele maatschappelijke dienstverlening georganiseerd in sociale wijkteams. Burgers kunnen er terecht voor uiteenlopende vormen van psychosociale hulpverlening, van jeugdhulp tot ouderenwerk. De gemeente wil dat hulpverleners problemen zo vroeg mogelijk signaleren en helpen oplossen, dus voordat deze ernstig zijn opgelopen. Maar dat bleek niet te lukken.

Uit rekenkameronderzoek uit 2018 bleek namelijk dat veel mensen pas bij het wijkteam terecht komen als hun problemen al hoog zijn opgelopen. Bewaking van de toegang tot het wijkteam speelde hierin een rol. In Rotterdam mogen hulpvragers zich namelijk niet zelf melden bij het wijkteam. Zij moeten eerst naar een gemeentelijk loket dat de toegang tot het wijkteam bewaakt. Dat loket beoordeelt of er sprake is van ‘meervoudige problematiek’. Wie slechts één probleem heeft mag niet naar het wijkteam en moet dus zelfredzaam zijn of wachten tot hij eerst nog meer problemen krijgt (!).

Eenmaal toegelaten tot het wijkteam, moet een jeugdcliënt binnen zes tot negen maanden weer ‘uitstromen’ en stopt de hulp. Helaas blijken de veelal complexe problemen van de cliënt dan vaak nog niet opgelost. Velen kloppen dan ook na enkele maanden opnieuw aan voor hulp, waarna het proces van aanmelding en toelating opnieuw begint.

Toegang nachtopvang beperkt voor dak- en thuislozen

Een stijgend aantal daklozen in de stad was een van de aanleidingen voor de rekenkamer om onderzoek te doen naar de opvang van deze mensen in Rotterdam. Er bleken tal van belemmeringen te zijn voor daklozen om tot de opvang te worden toegelaten. Daarmee werd hen noodzakelijke zorg en onderdak onthouden.

Zo was er geen toegang tot opvang geregeld voor jongeren met te zware problematiek voor de crisisnachtopvang. Voor volwassenen geldt de aanwezigheid van psychische of verslavingsproblemen als een hard criterium voor toegang. Daklozen zonder dergelijke problemen worden als voldoende zelfredzaam beschouwd.

Verder werd, ondanks de verplichting in de Wmo, tot voor kort aan daklozen zonder regiobinding de eerste tijdelijke toegang tot de nachtopvang systematisch ontzegd. Voor jongeren (18-23) gold bovendien een wachtlijst en voor zwaar verslaafde of agressieve jongeren was er helemaal geen nachtopvang geregeld. Daardoor verdween een deel van de daklozen die zich meldden bij de opvang dus weer op straat.

Veel werkloze jongeren haken af bij het loket

Rotterdam telde de laatste jaren zo’n 10.000 werkloze jongeren. De gemeente Rotterdam begeleidde slechts één op de tien van die werkloze jongeren succesvol naar werk of school, concludeerde de rekenkamer in 2019. Ook hier speelt de moeizame toegang tot begeleiding een rol. Die toegang wordt in Rotterdam bewaakt door het Jongerenloket. Dat maar relatief weinig jongeren worden geholpen, bleek onder meer te komen doordat veel jongeren die naar het gemeentelijk Jongerenloket gaan, na een tijdje afhaken.

Zij zijn niet tevreden over de dienstverlening van de gemeente of vinden de opgelegde taken te moeilijk. In de eerste vier weken na aanmelding, waarin jongeren van de wet zelfstandig naar werk of school moeten zoeken, haakt een derde van de jongeren af, bijvoorbeeld omdat zij niet tevreden zijn over de dienstverlening van de gemeente of de opgelegde taken te moeilijk vinden.

Streng bewaken van toegang is doodlopende weg

Uit het voorgaande kan worden opgemaakt, dat het streng bewaken van toegang letterlijk en figuurlijk een doodlopende weg is. De hulpvrager loopt tegen een gesloten deur en de gemeente bereikt zijn maatschappelijke doelen niet.

Gemeentelijke beleidsnota’s in het sociaal domein staan doorgaans vol met prachtige voornemens om mensen beter te helpen. Het gaat dan vaak over het streven naar integraal werken, preventie en vroegsignalering. Een van de voorwaarden om die voornemens te realiseren is het laagdrempelig en toegankelijk maken van hulpverlening.

Iemand die hulp vraagt heeft al één belangrijke stap gezet en dat is aankloppen aan de poort. Dat is een kans voor de hulpvrager om zijn problemen op te lossen en voor de gemeente om zijn ambities waar te maken.

Kees de Waijer is senior projectleider bij de Rekenkamer Rotterdam.

Share on linkedin
LinkedIn
Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *